Rechtspraak in NL

Terug naar Sceptics
Home


Uit: Mijn Franse tijd


De rechtspraak in NL

Het is 2022.
Ik heb nog een paar 'zaken' af te ronden en dan laat ik het voorwat de rechtspraak - waarschijnlijk - afweten. De rechtspraak in NL lijdt - naar mijn stellige overtuiging - aan een stevig verval, vormen van de zelfde ziekte als de politiek, de zorg, de economie enz., enz.
De rechtszaken waar ik de laatste paar jaar bij betrokken ben geweest zijn het nauwelijks waard om met voldoende 'recht' genoemd te worden.
Wat is dat ook al weer, dat rechtspreken en wie zijn toch die mensfiguren in vaak veel te lange zwarte jurken met een witte stropdas, die zogenaamd rechtspreken?

Over het algemeen wordt aangenomen dat de Romeinen de eersten waren die een soort van wet- en regelgeving hanteerden om in een geschil recht te kunnen spreken. Persoonlijk vind ik een vorm van rechtspreken al eerder, ten tijde van het ontstaan van de filosofie (tegen 500 vC.), en dan met name het ontstaan van de ethiek in de filosofie. Bekende namen uit die tijd zijn Socrates (470 - 399 vC.), Plato (427 - 347 vC.), Aristoteles (384 - 322 vC.), etc.

Wat is goed leven en hoe moet dat, volgens de ethiek?
De theorie van de rechtvaardigheid is één van de vier belangrijkste cardinale deugden van Aristoteles, voorzichtigheid, rechtvaardigheid, moed en gematigdheid. In de tijd, kort voor onze jaartelling, zo tijdens het hellinisme was het rechtspreken vaak een kwestie van 'redekunst', ofwel de welbespraaktheid (retorica) van iemand. In zekere mate geldt dat nog altijd. Vandaar ook het gezegde 'gelijk hebben is nog geen gelijk krijgen'.

Volgens veel woordenboeken is rechtspreken het 'oordelen op basis van wet en recht' ofwel 'gerechtelijke uitspraak doen.'
Helaas geeft praktisch iedere wet ruimte voor interpretaties dewelke meestal wordt rechtgepraat met jurisprudentie uit eerdere rechtsoordelen.

Rechtspreken op basis van recht kan op verschillende gronden zoals op grond van moraal of je kunt een oordeel vormen op in het geschil ingebrachte voors en tegens in het geschil. In kleine steden en dorpen in de middeleeuwen, waren het vaak een paar notabelen die rechtspraken.

In een monocultuur is rechtspreken nog redelijk goed te doen maar naarmate leefculturen en met name ook religies zich vermengen wordt rechtspreken welhaast onmogelijk.
Naast de oude vijf Egyptische, de twaalf Griekse en de vele Romeinse
goden waren er ook nog de Noorse of Germaanse goden en godinnen. Al met al teveel om op te noemen, die zich allemaal bemoeiden met het recht.

Over het algemeen zou de verliezer van het conflict gestraft gaan worden door zijn eigen god. Tegenwoordig (AD 2022) waant bijna iedere Nederlander zich welhaast een godheid en staat bij ieder conflict, wat hem op de zogenaande sociale media ter ore komt, al binnen twee tellen klaar met zijn of haar oordeel, vaak slechts op grond van horen zeggen. En ook dan geldt nog altijd het 'recht van de sterkste', in welbespraaktheid welteverstaan.

Maar ook de hedendaagse rechtspraak rammelt naar mijn bescheiden mening aan alle kanten. In eerste aanleg is het vaak één rechtsprekende rechter die de zaak behandelt. Dit zou wat mij betreft verboden mogen worden. Ik vind dat er in eerste aanleg altijd door drie rechters naar de zaak gekeken moet worden. Eén persoon leest niet alleen te gemakkelijk over een éénmaal gemaakte fout heen maar kan ook zijn persoonlijke mening (te?) sterk laten prevaleren.

Ook ben ik een groot voorstander van toevoeging aan het trio rechters, van enkele burger personen. Vaak mag het morele recht wel wat meer invloed hebben op de rechtspraak. Dit geldt met name verkeersongelukken waarbij één of meer slachtoffers zijn te betreuren of waar het geleverde bewijs flinterdun is. Een boetedoening van slechts door een rood verkeerslicht te zijn gereden of met een slok op achter het stuur te zijn gestapt met een noodlottig ongeval ten gevolg, is dan toch echt onvoldoende straf, naar mijn mening.

(Wordt -mogelijk- nog aangevuld.)

© Piet/er Bult